Geachte ouders,

Hier vindt u ons schoolreglement. Het bestaat uit twee delen.
Het eerste deel handelt over de wettelijke verplichtingen en rechten van de ouders én de school. Daarin werden een aantal punten uit de decretale tekst van het Vlaamse parlement opgenomen. Het zijn dus bepalingen waar elke Vlaamse school, de leerkrachten, de ouders en de leerlingen, moeten aan voldoen. Verder leest u nog enkele schooleigen afspraken waaraan we heel sterk houden.

Het tweede deel is een verzameling van leefregels. Het zijn duidelijk geformuleerde afspraken, waarvan we verwachten dat alle kleuters, leerlingen, ouders en het schoolteam ze nakomen. Deze leidraad is geen keuzeprogramma dat naar eigen inzicht al of niet wordt gevolgd. Het is evenmin een meedogenloze tuchtwet.

We hopen dat we in het belang van alle kinderen kunnen rekenen op het gezond verstand, algemeen geldende waarden, normen en inzichten en de positieve kijk van alle partners. We vormen een leefgemeenschap waarin iedereen een duidelijke stem heeft, maar waarin we ook van alle partijen een engagement verwachten.

De afspraken en leefregels worden aan kleuters en leerlingen op een bevattelijke manier meegedeeld. Aan alle ouders van OLVA De Meersen wordt deze brochure ter goedkeuring voorgelegd. De ouders verklaren met deze engagementsverklaring zich akkoord door ze te ondertekenen. Het decreet stelt dat het niet ondertekenen van het schoolreglement door de ouders van kinderen op een Gesubsidieerde Vrije school (een school zoals de onze dus) voor het schoolbestuur een reden kan zijn om de inschrijving van de leerling te weigeren. In dit geval dient het schoolbestuur de weigering schriftelijk toe te lichten.

Tussen de kille opsomming van de leefregels en reglementen door, willen we het kloppend hart, het plukkend geluk en de warme sfeer van De Meersen echter niet vergeten.Toch vinden we dat dit reglement een middel is om goede afspraken te maken met jullie.

We danken iedereen die mee helpt bouwen aan onze school.

Het team van leerkrachten.
De directeur.

Inschrijvingen van kleuters en leerlingen

Uurregeling en aanwezigheid op school

Leerplicht

Schoolverandering

Afwezigheden

Eén of meerdaagse schooluitstappen

Meldingsplicht bij besmettelijke ziekten

Medicijnbeleid op school

Algemeen rookverbod

Schooltoelagesysteem

Tijdelijk onderwijs aan huis

Getuigschrift basisonderwijs

Basofiche

Bijdrageregeling voor ouders

Kledij en uiterlijk

Gymmen en zwemmen

Schoolagenda en rapport

Huiswerk en lessen

Afwijkend gedrag: schorsing en uitsluiting

Publicaties

Reclame en sponsoring

Opvang en toezicht

Middagmaal

Toegang tot de klaslokalen

Omgangsvormen

Schoolverzekering

Afhalen van de kinderen

Verkeerspreventie

Contact ouders-school

CLB

Zorgverbreding en begeleiding

Schoolmateriaal

Veiligheid en gezondheid op school

Vieren op school

Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning

Betalingen

Inschrijving van een leerlingen:

1. Inschrijving van een leerling

Een inschrijving kan pas ingaan na instemming met het schoolreglement en het pedagogisch project van de school. Bij de inschrijving dient een officieel document te worden voorgelegd dat de identiteit van het kind bevestigt en de verwantschap aantoont (de SIS-kaart, het trouwboekje, het geboortebewijs, een identiteitsstuk van het kind zoals een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister, een reispas). De inschrijving van een leerling geldt voor de duur van de hele schoolloopbaan in de school.

Alle kleuters en leerlingen worden op de datum van de inschrijving opgenomen in het inschrijvingsregister. Zij worden slechts eenmaal ingeschreven volgens chronologie. Een kleuter die nog geen 2 jaar en 6 maanden is, kan ingeschreven worden. Maar pas wanneer de kleuter voldoet aan de toelatingsvoorwaarde (2,5 jaar zijn), wordt de kleuter opgenomen in het stamboekregister. Vanaf de volgende instapdatum wordt de kleuter toegelaten in de school en wordt hij/zij opgenomen in het aanwezigheidsregister van de klas. Kleuters zijn niet leerplichtig. Kleuters vanaf 2,5 tot 3 jaar mogen in het kleuteronderwijs op school aanwezig zijn op de volgende instapdagen:

- de eerste schooldag na de zomervakantie;
- de eerste schooldag na de herfstvakantie ;
- de eerste schooldag na de kerstvakantie ;
- de eerste schooldag van februari ;
- de eerste schooldag na de krokusvakantie ;
- de eerste schooldag na de paasvakantie;
- de eerste schooldag na Hemelvaartsdag.

Een kleuter die de leeftijd van drie jaar bereikt heeft, kan elke dag worden ingeschreven en in de school toegelaten zonder rekening te houden met de instapdagen.

Om toegelaten te worden tot het lager onderwijs moet de leerling 6 jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Een leerling die 5 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar kan reeds in het lager onderwijs ingeschreven worden. Deze afwijking blijft beperkt tot één jaar.

2. Weigering van inschrijving

Ouders hebben het recht om hun kind in te schrijven in de school van hun keuze. Toch kan de school een leerling weigeren onder bepaalde omstandigheden.

1. Het schoolbestuur weigert de inschrijving van de betrokken leerling die het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar door een tuchtmaatregel definitief werd uitgesloten in de school.

2. Kinderen kunnen specifieke noden hebben. Van ouders wordt verwacht dat zij dit meedelen aan de school. De school zal bij leerlingen met een inschrijvingsverslag buitengewoon onderwijs, type 8 uitgezonderd, onderzoeken of haar draagkracht voldoende groot is om het kind de nodige ondersteuning te geven op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging. Indien de ouders, bij inschrijving, nalaten om mee te delen dat hun kind een attest buitengewoon onderwijs heeft en er de eerste weken na de inschrijving een vermoeden is van specifieke noden, zal de school haar draagkracht alsnog onderzoeken.

Bij het onderzoek naar de draagkracht houdt de school, in overleg met de ouders en het CLB, rekening met:
- De verwachtingen van de ouders ten aanzien van het kind en ten aanzien van de school;
- De concrete ondersteuningsnoden van de leerling op het vlak van leergebieden, sociaal functioneren, communicatie en mobiliteit;
- Een inschatting van het regulier aanwezig draagvlak van de school inzake zorg;
- De beschikbare ondersteunende maatregelen binnen én buiten het onderwijs;
- Het intensief betrekken van de ouders bij de verschillende fasen van het overleg- en beslissingsproces.
Het kind wordt ingeschreven onder de ontbindende voorwaarde van het aantonen van onvoldoende draagkracht.

3. Het schoolbestuur kan omwille van materiële omstandigheden een maximumcapaciteit invoeren. Wanneer deze maximumcapaciteit overschreden wordt, moet de school de leerling weigeren.
De beslissing tot weigering wordt binnen vier kalenderdagen (eventueel na onderzoek van de draagkracht van de school) bij aangetekend schrijven of tegen afgiftebewijs aan de ouders van de leerling bezorgd. Ouders krijgen toelichting bij de beslissing van het schoolbestuur.
Bij een weigering op draagkracht wordt door het Lokaal Overlegplatform (LOP) onmiddellijk, en zonder te wachten op de vraag van de ouders, een bemiddelingsprocedure opgestart. Bij weigering op basis van de andere redenen start het LOP alleen een bemiddeling wanneer de ouders er uitdrukkelijk om verzoeken. Indien de school niet behoort tot een LOP zal het Departement Onderwijs een nabijgelegen LOP aanduiden. Na de bemiddeling door het Lokaal Overleg Platform kunnen ouders alsnog een klacht indienen bij de Commissie inzake Leerlingenrechten.

Uurregeling en aanwezigheid op school

De activiteiten en lessen beginnen ’s morgens om 8.30 uur en eindigen om 11.40 uur, herbeginnen ’s middags om 13.20 uur en eindigen om 16.05 uur.
Op vrijdag eindigt de school om 15.40 uur.
Een drietal minuten voor de aanvang van de lessen en activiteiten wordt gebeld, zodat iedereen op tijd aan de slag kan. We vragen deze uurregeling na te leven.
Kom niet te laat maar ook niet te vroeg, want de school is ’s morgens pas open om 8.15 uur en ’s middags om 13.05 uur.
Voor die tijd is er geen toezicht en draagt de school geen verantwoordelijkheid voor kinderen die te vroeg aan de schoolpoort staan.
De leerlingen worden de straat over geholpen door gemachtigde opzichters vanaf 8.15 uur en 13.05 uur.
We durven vragen om bij het brengen van de kinderen niet te blijven dralen aan de schoolpoort of op de speelplaats. Het valt tere hartjes wat makkelijker en de dienstdoende leerkrachten houden een beter overzicht over de spelende kinderen.
Het past dat de kinderen van de lagere school die te laat komen zich verantwoorden t.o.v. de titularis. Bij veelvuldig te laat komen zullen de ouders aangesproken worden. Kinderen kunnen enkel om een grondige reden vroegtijdig afgehaald worden.

 

Leerplicht

Kleuters zijn niet leerplichtig. In september van het jaar waarin uw kind 6 jaar wordt, is het leerplichtig en wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het op die leeftijd nog in het kleuteronderwijs blijft, is het dus net als elk ander leerplichtig kind onderworpen aan de controle op het regelmatige schoolbezoek.
Een jaartje langer in de kleuterschool doorbrengen, vervroegd naar de lagere school komen of een achtste jaar in de lagere school verblijven, kan enkel in samenspraak met en na advies van de directeur, de klassenraad en het Centrum voor Leerlingen Begeleiding (CLB).
In het gewoon lager onderwijs kan een leerling minimum 4 jaar en maximum 8 jaar doorbrengen. Een leerling die 15 jaar wordt vóór 1 januari kan geen lager onderwijs meer volgen.
De leerlingen zijn verplicht om alle lessen en activiteiten van hun leerlingengroep te volgen. Omwille van gezondheidsredenen kunnen er, na goedkeuring van de directeur, uitzonderingen toegestaan worden. Alle leerlingen worden onderworpen aan de medische onderzoeken en de preventieve maatregelen bij besmettelijke ziekten door het CLB. De ouders hebben echter het recht af te zien van individuele CLB-begeleiding.
De weigering wordt schriftelijk aan de directeur meegedeeld.
Om toegelaten te worden tot het lager onderwijs moet uw kind in principe zes jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar.
Vanaf schooljaar 2010-2011 moet een leerling bovendien aan één van de volgende voorwaarden voldoen:

Schoolverandering

Kleuters en leerlingen van het lager onderwijs kunnen van school veranderen in de loop van het schooljaar onmiddellijk indien het schoolbestuur van de school waar het kind is ingeschreven zich akkoord verklaart.
In geval van betwisting, zeven dagen nadat de ouders de schoolverandering schriftelijk hebben meegedeeld aan het schoolbestuur van de oorspronkelijke school. In dit geval kan het schoolbestuur van de oorspronkelijke school de onderwijsinspectie verzoeken binnen die zeven kalenderdagen aan de ouders een advies in verband met de schoolverandering te formuleren.
In geval van betwisting geldt de datum van de poststempel of de datum van overhandiging van de mededeling.
Een schoolverandering van het gewoon naar het buitengewoon onderwijs is slechts mogelijk als de leerling over een inschrijvingsverslag beschikt waaruit blijkt welk type van het buitengewoon onderwijs voor hem is aangewezen.
Zodra de ouders over een dergelijk inschrijvingsverslag beschikken, kan er van school worden veranderd. Het inschrijvingsverslag wordt afgeleverd door het CLB waaraan de oorspronkelijke school is verbonden.
Bij schoolverandering moet aan de nieuwe school doorgegeven worden, hoeveel halve dagen problematische afwezigheden (code B) de betrokken leerling in het betrokken schooljaar had.”

Afwezigheden

De regelgeving op afwezigheden is van toepassing op leerplichtige kinderen in het gewoon basisonderwijs. De regelgeving is ook van toepassing op leerlingen die, wegens verlengd kleuterschoolbezoek, op zesjarige leeftijd nog in het kleuteronderwijs zitten. Zij zijn op basis van hun leeftijd leerplichtig. Ook leerlingen die reeds op vijfjarige leeftijd zijn overgestapt naar het lager onderwijs vallen onder de reglementering. Niet-leerplichtige leerlingen in het kleuteronderwijs kunnen niet onwettig afwezig zijn, aangezien ze niet onderworpen zijn aan de leerplicht en dus niet steeds op school moeten aanwezig zijn.
Het is belangrijk dat kleuters regelmatig naar school komen. Kinderen die activiteiten missen lopen meer risico om te mislukken en raken minder goed geïntegreerd in de klasgroep. We verwachten dat de ouders ook de afwezigheden van hun kleuter onmiddellijk melden omwille van veiligheidsoverwegingen.

1  Afwezigheden wegens ziekte.

Voor ziekte tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een briefje van de ouders. Dergelijk briefje kan slechts vier keer per schooljaar door de ouders zelf geschreven worden. Vanaf de vijfde keer is een medisch attest vereist.
Is een kind méér dan drie opeenvolgende kalenderdagen ziek dan is steeds een medisch attest vereist. Dat attest kan afkomstig zijn van een geneesheer, een geneesheer-specialist, een psychiater, een tandarts, een orthodontist en de administratieve diensten van een ziekenhuis of een erkend labo. Consultaties ( zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts), moeten zoveel mogelijk buiten de schooluren plaatsvinden.
Wanneer een kind een chronische ziekte heeft die leidt tot verschillende afwezigheden zonder dat telkens een doktersconsultatie noodzakelijk is (bijv. astma, migraine,...) is het goed contact op te nemen met de school en het CLB. Het CLB kan dan een medisch attest opmaken dat de ziekte bevestigt. Wanneer een afwezigheid om deze reden zich dan effectief voordoet, volstaat een attest van de ouders.
Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig in volgende gevallen:
- het attest geeft zelf de twijfel van de geneesheer aan wanneer deze schrijft “dixit de patiënt”;
- het attest is geantedateerd of begin- en einddatum werden ogenschijnlijk vervalst;
- het attest vermeldt een reden die niets met de medische toestand van de leerling te maken heeft zoals bv. de ziekte van één van de ouders, hulp in het huishouden.
De school zal het CLB contacteren telkens ze twijfels heeft over een medisch attest.

2  Van rechtswege gewettigde afwezigheden.

In volgende situaties kan een kind gewettigd afwezig zijn. De ouders moeten een document met officieel karakter (1 - 5) of een verklaring (6) kunnen voorleggen ter staving van de afwezigheid. Voor deze afwezigheden is geen voorafgaand akkoord van de directeur nodig. De ouders verwittigen de school vooraf van dergelijke afwezigheden.
1. het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van iemand die onder hetzelfde dak woont als het kind, of van een bloed- of aanverwant van het kind;
2. het bijwonen van een familieraad;
3. de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank (bijvoorbeeld wanneer het kind in het kader van een echtscheiding moet verschijnen voor de jeugdrechtbank);
4. het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg (bijvoorbeeld opname in een onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum);
5. de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht (bijvoorbeeld door staking van het openbaar vervoer, door overstroming,...) ;
6. het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling (anglicaanse, islamitische, joodse, katholieke, orthodoxe, protestants-evangelische godsdienst)
Concreet gaat het over: - islamitische feesten: het Suikerfeest en het Offerfeest ( telkens 1 dag); - joodse feesten: het joods Nieuwjaar ( 2 dagen), de Grote Verzoendag (1 dag), het Loofhuttenfeest (2 dagen), het Slotfeest (2 laatste dagen), de Kleine Verzoendag (1 dag), het feest van Esther (1 dag), het Paasfeest (4 dagen), het Wekenfeest (2 dagen); - orthodoxe feesten: Paasmaandag, Hemelvaart en Pinksteren voor de jaren waarin het orthodox Paasfeest niet samenvalt met het katholieke Paasfeest.

De katholieke feestdagen zijn reeds vervat in de wettelijk vastgelegde vakanties. De protestants-evangelische en de anglicaanse godsdienst hebben geen feestdagen die hiervan afwijken.

3  Afwezigheden waarvoor de toestemming van de directeur nodig is.

Deze categorie afwezigheden verleent de school autonomie om in te spelen op specifieke situaties die niet altijd door de regelgeving op te vangen zijn. Indien de directeur akkoord is en mits voorlegging van, naargelang het geval, een officieel document of een verklaring van de ouders, kan de leerling gewettigd afwezig zijn om één van de onderstaande redenen:
1. het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont als het kind of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad. ( Voor de dag van de begrafenis zelf is geen toestemming van de directeur nodig. Het gaat hier over een periode die het kind eventueel nodig heeft om emotioneel evenwicht terug te vinden (rouwperiode)). Mits toestemming van de directeur kan zo ook een begrafenis van een bloed- of aanverwant in het buitenland bijgewoond worden.
2. het actief deelnemen aan een culturele of sportieve manifestatie, indien het kind hiervoor als individu of als lid van een club geselecteerd is. Het bijwonen van trainingen komt niet in aanmerking, wel bijv. de deelname aan een kampioenschap/competitie. Het kind kan maximaal 10 halve schooldagen per schooljaar hiervoor afwezig zijn (hetzij achtereenvolgend, hetzij gespreid over het schooljaar).
3. de deelname aan time-out-projecten. Deze afwezigheden komen in het basisonderwijs zelden voor, maar in die situaties waarin voor een leerling een time-outproject aangewezen is, is het in het belang van de leerling aangewezen om dit als een gewettigde afwezigheid te beschouwen. Voor sommige leerlingen is er geen andere oplossing dan hen tijdelijk te laten begeleiden door een externe gespecialiseerde instantie;
4. in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen. Voor deze afwezigheden moet de directeur op voorhand zijn akkoord verleend hebben. Het gaat om maximaal 4 halve schooldagen per schooljaar (al dan niet gespreid).
5. afwezigheden wegens topsport voor de sporten tennis, zwemmen en gymnastiek.
- Dit kan slechts toegestaan worden voor maximaal 6 lestijden per week, mits het vooraf indienen van een dossier met de volgende elementen:
- een gemotiveerde aanvraag van de ouders;
- een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie;
- een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap;
- een akkoord van de directie.

Deze vijf categorieën van afwezigheden zijn geen automatisme, geen recht dat ouders kunnen opeisen. Enkel de directeur kan autonoom beslissen om deze afwezigheden toe te staan. De directeur mag onder geen beding toestemming geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren. De leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met 30 juni.

4. Afwezigheden van kinderen van trekkende bevolking, in zeer uitzonderlijke omstandigheden.

De volgende regels zijn van toepassing op de kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners. Ze zijn niet van toepassing op kinderen die behoren tot de trekkende bevolking maar die ter plaatse verblijven (bijvoorbeeld in een woonwagenpark). Die kinderen moeten elke dag op school aanwezig zijn.
Ouders behorend tot de categorie trekkende bevolking die hun kind inschrijven in een school, moeten er - net als alle andere ouders - op toezien dat hun kind elke dag op school aanwezig is. In uitzonderlijke omstandigheden kunnen zich situaties voordoen waarbij het onvermijdelijk is dat het kind tijdelijk met de ouders meereist. Deze situaties moeten op voorhand goed met de school besproken worden. De ouders maken samen met de school duidelijke afspraken over hoe het kind in die periode met behulp van de school verder de onderwijstaken zal vervullen (de school zorgt voor een vorm van onderwijs op afstand) en over hoe de ouders met de school in contact zullen blijven. Deze afspraken moeten in een overeenkomst tussen de ouders en de school neergeschreven worden. Enkel als de ouders hun engagementen naleven is het kind gewettigd afwezig.

5 Problematische afwezigheden.

Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals hierboven beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden. De school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische afwezigheid. Van zodra het kind meer dan 10 halve schooldagen problematisch afwezig is, stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat ter inzage is voor de verificateurs. School en CLB zullen in communicatie met de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en hun kinderen.

Eén of meerdaagse schooluitstappen

Er is een schriftelijke toestemming van de ouders nodig om deel te mogen nemen aan deze (extra-muros) activiteiten. We streven er naar dat alle kinderen kunnen deelnemen aan die klasmomenten.
Om deel te nemen aan één of meerdaagse uitstappen (b.v. bosklas), wordt een schriftelijke toestemming aan de ouders gevraagd. Wij houden eraan om de ouders vooraf in te lichten van de activiteit, de kostprijs voor de deelname en andere praktische regelingen.  We bewaken trouwens de prijzen conform aan hetgeen ons het ministerie van onderwijs ons oplegt.
Ouders kunnen ingelicht worden per brief, via de agenda of heen-en-weerschriftje van de kinderen. Mochten de ouders een bezwaar hebben en de toestemming bij één- of meerdaagse extra-muros activiteiten weigeren, dan laten zij dat vooraf aan de school weten. In overleg kan een vervangingsaanbod worden gezocht. Het niet deelnemen aan zo’n activiteit geeft niet het recht om dan thuis te blijven en onwettig afwezig te zijn. De niet-deelnemende leerlingen worden op school opgevangen en krijgen een vervangingsprogramma aangeboden.

Meldingsplicht bij besmettelijke ziekten

Het kan gebeuren dat één van onze leerlingen aan een besmettelijke ziekte lijdt. De wet op het Medisch Schooltoezicht regelt het beleid i.v.m. besmettelijke ziekten.
Wanneer de volgende ziekten zouden voorkomen in de school, zijn wij verplicht om onmiddellijk onze dienst van het Medisch Schooltoezicht te verwittigen.
difterie (kroep)
buiktyfus
poliomyelitis
besmettelijke longtuberculose
pertussis (kinkhoest)
hepatitis A/B (besmettelijke virale geelzucht)
meningococcen – meningitis en –sepsis (hersenvliesontsteking)
scarlatina (roodvonk)
scabies (schurft)
bof
mazelen
paratyfus (diarree veroorzaakt door salmonellabacterie)
rubella (rode hond)
impetigo (huidinfectie)
AIDS (besmetting door HIV-virus)

Mochten volgende ziekten in meerdere gevallen voorkomen, wordt het Medisch Schooltoezicht op de hoogte gebracht:schimmelinfecties van de huid, varicella (waterpokken of windpokken), pediculosis (luizen)

Medicijnbeleid op school

Een zieke leerling

Een zieke leerling hoort thuis te zijn. Als een leerling op school ziek wordt,  worden de ouders verwittigd en gevraagd de leerling op te halen. Zolang de school verantwoordelijk blijft voor de leerling, kan een arts geraadpleegd worden bij verontrustende ziektetekens.
De eigen huisarts van de leerling wordt eerst gecontacteerd. Voor de persoonlijke gegevens van de leerling verwijzen we naar de medische fiche.
Lukt dit niet dan doet de school beroep op een arts uit de buurt: Dokter Vogelaers, Dorpsstraat 6 uit Sijsele. In noodgevallen kan de hulpdienst (100/112) opgeroepen worden.

Het toedienen van medicijnen valt niet onder ‘eerste hulp’. De school beschikt alleen over paracetamol. Heeft een leerling hoge koorts (38.5°C of meer) en kan de leerling niet snel afgehaald worden, zal de school een arts raadplegen. Op zijn/haar advies kan een koorts-werend middel toegediend worden.

Wanneer een leerling regelmatig lichamelijke klachten heeft, bespreekt de school dit met de leerling, ouders, het zorgteam of het MDO.

Medicatiegebruik op school

Een zieke leerling op school

Een zieke leerling hoort thuis te zijn. Als een leerling op school ziek wordt, worden de ouders verwittigd en gevraagd de leerling op te halen.
Zolang de school verantwoordelijk blijft voor de leerling, kan een arts geraadpleegd worden bij verontrustende ziektetekens.
De eigen huisarts van de leerling wordt eerst gecontacteerd. Voor de persoonlijke gegevens van de leerling verwijzen we naar de medische fiche.
Lukt dit niet dan doet de school beroep op een arts uit de buurt, dokter Vogelaers. In noodgevallen kan de hulpdienst (100/112) opgeroepen worden.

Het toedienen van medicijnen valt niet onder ‘eerste hulp’. De school beschikt alleen over paracetamol. Heeft een leerling hoge koorts (38.5°C of meer) en kan de leerling niet snel afgehaald worden, zal de school een arts raadplegen. Op zijn/haar advies kan een koorts-werend middel toegediend worden.

Wanneer een leerling regelmatig lichamelijke klachten heeft, bespreekt de school dit met de leerling, ouders, het zorgteam of het MDO.

Medicatiegebruik op school

Het gebruik van medicijnen op school moet een uitzondering zijn.
Eventueel toe te dienen medicatie wordt op school afgegeven; inname van medicatie gebeurt onder toezicht.

Een leerling moet op regelmatige basis medicijnen nemen.

Dit gebeurt enkel met een attest van een dokter, ondertekend door de ouders. [voorbeeldattest te downloaden op eigen website school]

Een leerling brengt medicijnen mee voor een voorbijgaande klacht.
Dit wordt door de school uitzonderlijk aanvaard. De leerling heeft een briefje bij waarin de ouders de medicatie benoemen, de indicatie vermelden en de dosis omschrijven.
In geen geval wordt medicatie doorgegeven aan een andere leerling. Misbruik of verhandelen van medicijnen wordt door de school op dezelfde manier aangepakt als gebruik van alcohol, drugs…

 

Algemeen rookverbod

Het is verboden te roken in de gesloten plaatsen van de school.
Het is verboden te roken in de open plaatsen van de school op weekdagen tussen 6.30 uur en 18.30 uur. Open plaats = alle plaatsen die deel uitmaken van de infrastructuur van de school en die niet als gesloten plaats worden beschouwd.
Het is verboden te roken tijdens extra-muros-activiteiten tussen 6.30 uur en 18.30 uur.
De school heeft rookverbodtekens aangebracht zodat iedereen die aanwezig is, er kennis van kan nemen.

Schooltoelagesysteem

Vanaf 1 september 2008 kunnen kleuters een schooltoelage van 80 euro krijgen. Voor een kind in het lager onderwijs is dat 116 euro.  U moet wel voldoen aan een aantal voorwaarden.  Vooreerst moet u Belg zijn, volgt de kleuter of leerlingen een erkende opleiding aan een door de Vlaamse Gemeenschap erkende, gefinancierde of gesubsidieerde instelling en moeten kleuters een minimum aantal dagen aanwezig zijn op school.  Dat aantal dagen verplichte aanwezigheid stijgt met de leeftijd.  Leerlingen uit het lager onderwijs mogen niet meer dan 29 halve dagen ongewettigd afwezig zijn. Aanvraagformulieren zijn te verkrijgen op het secretariaat van de school.

Tijdelijk onderwijs aan huis bij ziekte of ongeval

Een leerplichtig kind uit het lager onderwijs heeft recht op tijdelijk onderwijs aan huis (4 lestijden per week) indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:

Getuigschrift basisonderwijs

Het schoolbestuur van onze school mag getuigschriften basisonderwijs uitreiken aan de regelmatige leerlingen bij het beëindigen van het lager onderwijs.
Het is de klassenraad (leerkrachten 3de graad en de directeur) die autonoom oordeelt of de leerling in voldoende mate de leerplandoelen heeft bereikt om een getuigschrift te bekomen.
Wie de beslissing betwist, kan zich binnen de zeven kalenderdagen tot de directeur wenden. De betwiste beslissing wordt binnen de drie werkdagen opnieuw overwogen door de klassenraad en het resultaat wordt schriftelijk medegedeeld aan de ouders.
Bij verdere betwisting kan beroep worden aangetekend bij de voorzitter van het schoolbestuur binnen een termijn van zeven kalenderdagen na ontvangst van de beslissing.

Basofiche

Wie bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een attest. Deze wordt afgeleverd door de directie, met de vermelding van het aantal en de soort gevolgde schooljaren lager onderwijs.

Wanneer uw kind het basisonderwijs verlaat, wordt een belangrijke keuze gemaakt voor de verdere schoolloopbaan. Deze keuze is niet altijd even eenvoudig en daarom wil de basisschool u en uw kind daarbij zo goed mogelijk bijstaan.
Om een zorgzame start in het secundair onderwijs te vergemakkelijken, wordt in de loop van dit schooljaar de BaSO-fiche opgesteld. (Ba= basisonderwijs;  SO= secundair onderwijs)
Het invullen van de BaSO-fiche gebeurt in overleg met u, ouders en de basisschool. Samen met de leerkracht en het CLB proberen we een duidelijk beeld te schetsen van uw kind bij de overstap naar het secundair onderwijs. De inschrijving van uw kind en de overgang naar het secundair onderwijs zal dan ook vlotter en efficiënter kunnen verlopen.
Concreet betekent dit dat we in het 6de  leerjaar stappen zetten om uw kind te helpen bij het maken van een goede studiekeuze . Als ouder wordt u uitgenodigd om hieraan mee te werken. Eind maart ontvangt u de ingevulde BaSO-fiche van uw kind.
Met het overhandigen van deze BaSO-fiche bij de inschrijving van uw kind in het secundair onderwijs, helpt u mee deze overgang voor uw kind vlotter en efficiënter  te laten verlopen.

Bijdrageregeling voor de ouders

De school biedt het onderwijs kosteloos aan. Dit betekent dat de school alle materialen, boeken,... ter beschikking stelt die een leerling nodig heeft om de ontwikkelingsdoelen na te streven of de eindtermen te behalen.
Echter biedt de school, naast haar minimumopdracht, activiteiten aan die het onderwijs verlevendigen (daguitstappen, museumbezoek, bosklassen, schoolreizen...) Om de schoolrekening voor iedereen betaalbaar te houden, hanteert de school hierbij een scherpe maximumfactuur. (verplicht vanaf 1/09/2008)
Per schooljaar geldt er een scherpe maximumfactuur van 20 euro per kleuter en 60 euro per leerling lager onderwijs voor bijkomende activiteiten (bv. toneelbezoek) en materialen (bv. verplicht abonnement op tijdschrift). Voor meerdaagse uitstappen komt er een minder scherpe maximumfactuur van 360 euro per leerling voor de volledige duur van het lager onderwijs.
Daarnaast biedt de school ook diensten (opvang, omnisport, maaltijden, dranken...) en een vrijblijvend aanbod educatieve tijdschriften aan die in een schoolrekening worden vereffenend.
De prijzen opgenomen in het overzicht worden jaarlijks aan de schoolraad voorgelegd en goedgekeurd.
Een aantal activiteiten tijdens de schooluren zijn niet verplicht maar toch wel heel wenselijk om aan deel te nemen. Leerlingen die niet deelnemen aan didactische uitstappen, toneel- en theaterbezoeken, … worden wel geacht aanwezig te zijn op school!
Voor sommige posten kunnen we vaste prijzen vermelden.
Het kostenoverzicht bevindt zich midden in dit schoolreglement op een gekleurd blad.

Kledij en uiterlijk

Kledij is verzorgd en passend: al te korte rokjes, zonnebadjurkjes, … horen niet thuis op onze school. We dringen aan op soberheid in het dragen van ringen, armbandjes, hangers en oorringen. Omwille van de veiligheid worden ze niet gedragen tijdens het gymmen en het zwemmen.
De leerlingen hebben geen GSM nodig op school en is dus verboden. Wie dringend wil telefoneren kan altijd de telefoon gebruiken van de school.

Zorg voor gemakkelijke kledij voor de kleuters. Klederen die ze zelf kunnen aan- en uittrekken bij het toiletbezoek. Een verloren maar genaamtekend kledingstuk vindt heel vlug de rechtmatige drager terug… Het is ook raadzaam dat de kinderen een propere zakdoek bijhebben.

Gymmen en zwemmen

We hechten veel belang aan bewegingsopvoeding. De titel van sportactieve school willen we hoog houden.
De kleuters krijgen wekelijks een ‘gymmomentje’ tot zelfs een heuse kleuter-gym-activiteit.
De leerlingen van de lagere school krijgen, zoals het leerplan het voorziet, de wekelijks vereiste uren bewegingsopvoeding.
In de gymlessen dragen alle jongens en meisjes van de lagere school eenzelfde outfit. In de hele OLVA-groep opteren we voor een blauwwit T-shirt met het embleem van OLVA en een wit sportbroekje. Het T-shirt wordt op school aangeschaft, wit broekje kan op school aangekocht worden.
Ze dragen witte gymschoentjes zonder veters (voor de jongste leerlingen) of gymschoenen.
Tweewekelijks gaan de kinderen van de lagere school zwemmen in het ‘Bloemendalezwembad’ in Beernem.
De zwembeurten worden verrekend met de schoolrekening.
De meisjes dragen liefst een zwempak uit één stuk. De jongens dragen een zwembroek of zwemshort zonder zakken.
Horloges, armbandjes en kettingen laat men best niet achter in de kleedkamer. Beter nog, laat alle ‘kostbaarheden’ thuis.

Wie niet gymt of zwemt, deelt dit schriftelijk mee.
De lessen lichamelijke opvoeding en zwemmen maken deel uit van ons aanbod. Alle kinderen moeten eraan deelnemen.
Bij decreet werd vastgelegd dat er aan een leerlingengroep gratis zwemmen wordt aangeboden. Wij kozen er voor dat het zesde leerjaar van deze decretale maatregel kan genieten.

Schoolagenda en rapport

In de kleuterklassen worden contactschriftjes gebruikt. Daarmee worden berichtjes en nieuwtjes de wereld ingestuurd. Nieuwe versjes of liedjes vind je er ook in. Het heen-en-weerschriftje of -briefje is een handig communicatiemiddel tussen school en thuis én omgekeerd.

In de lagere afdeling wordt een agenda gebruikt. Daarin worden taken, opdrachten en lessen genoteerd. Er is ruimte voorzien in het kader van “leren leren” en planning op te stellen.Het is een kleine moeite om er ter bevestiging dagelijks je handtekening in te plaatsen.
Voor bepaalde activiteiten krijgen de leerlingen een speciale brief mee met afspraken en inlichtingen. Deze berichten kunnen worden meegegeven in een correspondentiemap. Ook wordt een maandelijks een nieuwsbrief opgesteld  met daarin de kalender van de komende maand en interessante weetjes.  De ouders handtekenen voor ontvangst.

Met het nieuw rapport willen we duidelijke informatie geven over het leertraject van elk kind.
1. Maandelijks krijgen de ouders feedback over de leef-, leer- en werkhouding van hun kind.  Dit aan de hand van concreet verwoorde criteria.
Er is goed nagedacht over de criteria die passen bij een goede leef-, leer- en werkhouding.  We zijn ervan overtuigd dat we nu duidelijker zullen aangeven op welke punten het goed of minder goed gaat.  Ook het jaarthemaproject wordt grondig geëvalueerd i.v.m. de sociale vaardigheden. Een woordje kan verduidelijken wat er goed of fout liep.
Daarnaast krijgen de kinderen regelmatig toetsen.  Ouders kunnen steeds de toetsen komen bekijken op school.  Zo kunnen ouders en kind samen zoeken naar wat goed of fout liep.  Deze gesprekken zijn vast veel zinvoller en geven de ouders een eerlijker beeld van waar het kind zich in zijn/haar leerproces bevindt.

2.In de loop van een schooljaar zijn er vier periodes waarbij ouders telkens een cijfer te zien krijgen op ALLE vakonderdelen (herfst, winter, lente en zomer).  We engageren ons om na een periode van ongeveer twee en een halve maand een volledig overzicht mee te geven.

3. Kinderen die op een bepaald moment in hun leerproces dreigen vast te lopen, krijgen aangepaste zorg van de klastitularis of/en van het zorgteam.  We willen die ouders ook concrete informatie geven over de leervorderingen van deelproblemen.  De zorgleerkracht geeft daarom een documentje mee op maat van de leerling om feedback te geven over de kinderen die zorg bij hem volgen.

4. In december en in juni worden de kinderen getest op grote leerstofonderdelen.  De afzonderlijke scores op de verschillende vakdomeinen worden nog in een eindprocent vertaald.  Toch willen we benadrukken dat we anders naar het rapport moeten kijken.  We zien het leren veeleer als een continue proces.  Op vier momenten in het jaar houden we even halt om te zien hoe het kind in dat proces ontwikkelt.  We vergelijken elk kind in zijn specifiek leerproces en niet meer ten opzichte van de klasgroep.  We zijn ervan overtuigd dat een eindprocent voor taal of rekenen, de ogen kunnen verblinden voor sommige vakonderdelen. We voorzien ook op die twee momenten telkens een oudercontact.

Op het vernieuwde rapport zult u geen punten meer terugvinden voor het vak Lichamelijke Opvoeding.  U krijgt op twee tijdstippen tijdens het schooljaar een rapport met de vaardigheden die uw kind op dit leergebied verworven geeft.  Op die manier krijgen de punten meer een ‘gezicht’.

We willen kinderen leren om te werken aan wat minder gaat.  Liever dan ze te laten vastlopen in de strijd om een bepaald procent binnen te halen. We zijn ervan overtuigd dat u in dit rapport betrouwbare informatie krijgt over de totale ontwikkeling van uw kind en dat u er sporen vindt om in gedeelde verantwoordelijkheid mee te werken aan zijn maximale ontplooiing.

Huiswerk en lessen

Op maandag, dinsdag en donderdag krijgen de leerlingen van alle leerjaren huiswerken en/of lessen mee. Daarover staat een aankondiging in de agenda. De taken worden tijdig, net en verzorgd afgeleverd. Het ligt zeker niet in de bedoeling van de leerkrachten dat het huiswerk té veel tijd vraagt! Wanneer een kind het huiswerk niet kan maken, om welke reden dan ook, laten de ouders dit best weten. De leerkracht en de leerlingen spreken samen af wanneer en hoe de taak wordt afgewerkt.
Op woensdag en vrijdag kunnen er voorbereidende taken meegegeven worden of uitbreidingsoefeningen voor bepaalde leerlingen.

Afwijkend gedrag: schorsen en uitsluiten van leerlingen

Om de goede gang van zaken in onze opvoedingsgemeenschap te vrijwaren kan het schoolbestuur maartregelen nemen.
Frequent storend gedrag in de klas, op de speelplaats of tijdens activiteiten in klasverband wordt bestraft. De leerkracht of directeur kan maatregelen nemen. Ze moeten het kind helpen zich beter te gedragen en weer te functioneren zoals het past in schoolverband.
Vanaf het jaar waarin uw kind 6 jaar wordt, is het leerplichtig (zie rubriek “leerplicht”) en wordt het geacht om na inschrijving in onze school regelmatig lessen te volgen. Elke afwezigheid van méér dan drie opeenvolgende schooldagen moet verantwoord worden door een medisch attest. (zie rubriek “Afwezigheden”) Ook het veelvuldige afwezig zijn dat niet gewettigd hoeft te worden met een medisch attest, het spijbelen, kan gemeld worden aan de gemeenschapsinspectie. Zij zal op haar beurt een procedure volgen. We hopen echter als school in dialoog met de ouders en het kind deze feiten te kunnen bespreken en daarmee procedures te voorkomen.
Het schoolbestuur kan, in uitzonderlijke gevallen, het recht op onderwijs van een leerplichtige tijdelijk ontnemen door schorsing of uitsluiting van de leerling.
Een schorsing houdt in dat men een bepaalde periode de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet mag volgen, maar wél op school aanwezig is!
Een uitsluiting houdt een definitieve verwijdering uit de school in. Terwijl er uitgekeken wordt naar een nieuwe school, worden dezelfde maatregelen genomen als bij schorsing.
De procedure bij schorsing van meer dan één dag of uitsluiting:
De klassenraad (leerkrachten van de betrokken graad en de directeur) geeft vooraf advies.
De ouders krijgen inzage in het tuchtdossier en worden gehoord.
De genomen beslissing van het schoolbestuur wordt binnen een termijn van 5 dagen schriftelijk gemotiveerd en schriftelijk meegedeeld aan de ouders van de betrokken leerling.
Tegen een tuchtmaatregel is er geen beroep mogelijk. De straf moet in overeenstemming zijn met de ernst van de feiten.
Er is echter een beroepscommissie waar men beroep kan aantekenen tegen de beslissing tot uitsluiting.
Men kan terecht op volgend adres:
Vicariaat voor onderwijs
Beroepscommissie basisonderwijs
H. Geeststraat 4
8000      Brugge

Publicaties

De school houdt rekening met de privacy-wetgeving. Ouders krijgen garantie dat alle persoonlijke gegevens enkel door de directie aangewend worden onder de toepassing van de wet ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Ouders hebben het recht deze gegevens op te vragen en zo nodig te laten verbeteren, voor zover ze betrekking hebben op hun kind en zichzelf. Ook kan er in overleg met de school en met respect van de privacy van het gezin een persoonlijk document opgemaakt worden om de overgang naar een andere school, een ander niveau optimaal te laten verlopen. Dit document kan relevante info bevatten over de onderwijsloopbaan van het kind zoals bijvoorbeeld gegevens over onderwijsproblemen, leerstoornissen, belangrijke gegevens van medische aard, schoolrapporten, …
Documenten die gegevens opvragen krijgen de vermelding “deze gegevens worden door de directie van de school strikt aangewend onder toepassing van de wet ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer”.
Ouders gaan akkoord met de publicatie van foto‟s in de schoolkrant of op de website.
Bij niet akkoord dient de directie schriftelijk verwittigd te worden.

Reclame en sponsoring

In het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 zijn een aantal beginselen vastgelegd waaraan scholen, die reclame en sponsoring door derden toelaten, zich sinds 1 september 2001 moeten houden.
Artikel 51,§4 bepaalt dat een schoolbestuur dat mededelingen toelaat die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van produkten of diensten te bevorderen de volgende principes moet in acht nemen:
1. De door het schoolbestuur verstrekte leermiddelen of verplichte activiteiten moeten vrij blijven van reclame.
2. Facultatieve activiteiten (vb. schoolreis, bosklassen,...) moeten vrij blijven van reclame, behalve wanneer die enkel verwijst naar het feit dat de activiteit of een gedeelte van de activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking of een prestatie om niet of verricht werd onder de reële prijs door een bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of een feitelijke vereniging.
3. Reclame en sponsoring mogen niet kennelijk onverenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de school. Dit principe betekent dat er geen schade mag berokkend worden aan de geestelijke en/of lichamelijke gesteldheid van leerlingen en dat sponsoring en reclame in overeenstemming moet zijn met de goede smaak en het fatsoen.
4. Reclame en sponsoring mogen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de school niet in het gedrang brengen.
Elke school die wenst gebruik te maken van reclame en sponsoring, moet over de hierboven vermelde algemene principes concrete afspraken maken. Het staat vast dat reclame en sponsoring hoe dan ook een rol spelen in de moderne maatschappij en in de belevingswereld van kinderen. Het is daarom essentieel dat er over de fundamentele visie op reclame en sponsoring voorafgaandelijk overleg wordt gepleegd in de schoolraad / participatieraad. Via het schoolreglement worden de ouders geïnformeerd over de afspraken die er m.b.t. sponsoring en reclame gemaakt werden.
Als ouders het niet eens zijn met beslissingen van de school inzake sponsoring, kunnen zij daarover een klacht indienen bij de Commissie Zorgvuldig Bestuur.

Opvang en toezicht

Voor en na de gestelde uren genieten de kinderen van opvang tegen betaling.
’s Morgens van 7 uur tot 8.15 uur.
’s Avonds van 16.15 uur tot 18.00 uur (op vrijdag van 15.50 uur tot 17.30 uur)
Op woensdag is er mogelijkheid tot betaalde opvang tot 12.25 uur (vanaf 11.55 uur)
De school neemt geen verantwoordelijkheid voor kinderen die te vroeg aan de schoolpoort staan en niet in de opvang zijn. (zie”uurregeling en aanwezigheid op school”)

Middagmaal

De kinderen kunnen op school een warme maaltijd nemen. Wie boterhammen meebrengt, betaalt voor toezicht.
Om organisatorische redenen vragen we om telkens op vrijdagmorgen het aantal maaltijden voor de komende week op te geven. Je betaalt de maaltijden steeds met een maaltijdkaart die recht heeft op 4 maaltijden.
Ouders verwittigen vòòr 9 uur de school als de warme maaltijd niet zal worden gebruikt. Bij het niet (tijdig) verwittigen wordt de vooraf bestelde maaltijd aangerekend.

Toegang tot de klaslokalen

Tijdens de pauzes is er op de speelplaats toezicht door de leerkrachten. Alle leerlingen worden op de speelplaats verwacht. De titularis begeleidt de leerlingen uit de klas naar de toiletten en de speelplaats. Er blijven geen leerlingen zonder toezicht achter in de klas of de gang.
Geen enkele leerling gaat zonder toestemming van de dienstdoende leerkracht van de speelplaats terug naar de klas, het toilet, de gang of buiten de schoolpoort!
Het is niet gepast dat de kinderen of de ouders een klaslokaal binnengaan zonder toelating van de leerkracht of de directie!

Na het belsignaal vormen de leerlingen verzorgde rijen. Na het tweede belsignaal verwachten we dat de leerlingen zwijgen. Zo kunnen ze onder begeleiding van de leerkracht rustig de gangen en de lokalen binnenstappen.

De leerkrachten worden tijdens de klasuren niet gestoord. Als de leerkracht toezicht houdt op de speelplaats, is hij ook in functie en wordt dus niet gestoord.
Voor de veiligheid zijn er ’s middags en ’s avonds na het beëindigen van de lessen in de lagere school thuisrijen:
rij overkant Astridlaan
rij Astridlaan kant school
rij fietsers
Leerlingen die niet afgehaald worden binnen het kwartier na het einde van de lessen worden ’s middags onder toezicht geplaatst in de eetzaal, ’s avonds worden ze naar de opvang gebracht.
Leerlingen van de lagere school wachten steeds binnen het hek van de school op hun ouders.
Kleuters worden afgehaald aan de kant van de fietsenstalling.

Omgangsvormen

In de klas spreken we algemeen Nederlands. We stellen het bijzonder op prijs dat de kinderen onder elkaar ook een voorname taal spreken. Verdraagzaamheid, beleefdheid, wellevendheid en eerlijkheid zijn elementaire waarden.
Ook op leerwandeling of een didactische uitstap verwachten we dat iedereen zich voornaam gedraagt.

Schoolverzekering

De schoolverzekering dekt alle persoonlijke ongevallen tijdens alle activiteiten van de kinderen in schoolverband en onder toezicht van een leerkracht. De kinderen zijn ook verzekerd op weg naar school en terug, binnen tijd en ruimte.
Wie jonger is dan 7 jaar mag niet zonder begeleiding op straat. Kleuters zijn verzekerd binnen de school en tijdens begeleide schoolse activiteiten.
Kleuters op weg naar school of thuis in het gezelschap van een verantwoordelijke zijn eveneens verzekerd.
De schoolverzekering dekt geen zuivere stoffelijke schade. B.v. een gebroken bril, verlies of diefstal van voorwerpen, beschadiging van fietsen,… worden niet door de schoolverzekering gedekt.

Afhalen van kinderen

We vinden het niet gebruikelijk dat kinderen tijdens de activiteiten of lesuren worden afgehaald en vroeger dan voorzien de klas verlaten.
Uitzonderingen worden vooraf aan de titularis en eventueel aan de directie gemeld.
Spreek met je kind af wanneer en door wie het wordt afgehaald. Het is echt raadzaam dat “onbekenden” die kinderen komen afhalen, zich aanmelden en voorstellen aan de kleuteronderwijzeres of onderwijzer. Het voorkomt scènes en bezorgde momenten.
Het is goed dat het kind weet of het moet overblijven, eten op school…

Het loopt op wieltjes

Veel kinderen komen met de fiets naar school. Kleuters worden uiteraard begeleid. Leerlingen van de lagere school kunnen dat op eigen houtje. Wijs hen de kortste of veiligste weg tussen thuis en school. Ze horen niet na schooltijd samen te hokken op een straathoek of een pleintje.De verzekeringsbepaling voorziet dat de reisweg binnen tijd en ruimte wordt afgelegd.

Het spreekt vanzelf dat elke fietser op een goed onderhouden fiets rijdt! Controleer regelmatige de staat van de remmen en de verlichting! Er is immers een wezenlijk verschil tussen gezien worden en gezien zijn…
De verkeerswerkgroep van de school voert een aantal keer per jaar een fietscontrole uit. Na een onvoldoende worden de ouders verwittigd en met een dwingende vraag aangespoord om de fiets volgens de wettelijke voorschriften uit te rusten.
Lagere schoolkinderen die met de fiets naar school komen dragen tussen 1 oktober en 1 maart verplicht een fluorescerend jasje. Dit jasje kan aangekocht worden op de school voor 2,50 Euro.

De fietsen worden in de rekken gestald. Het lijkt ons wel zinnig om de fietsen ook op slot te zetten. Gestalde fietsen zijn niet verzekerd tegen beschadiging of diefstal.

Contact ouders-school

Een gesprekje met de klastitularis kan soms wonderen doen. Onzekerheden, grote en kleine ‘angsten’, twijfel of verwarring hoeven niet lang te leven. Niemand zit verlegen om een verhelderende babbel. De ouders kunnen de leerkrachten op school spreken vóór of na de lessen of activiteiten.
Tijdens de lesuren zijn de leerkrachten niet te bereiken. Een ongedwongen losse babbel kan altijd aan de schoolpoort, tijdens één van de activiteiten of evenementen.

Misschien is het wel eens nodig om een gekaderd gesprek te hebben. Daarvoor zetten we ouderavonden, infoavonden en andere contactmomenten op.

We kunnen ook een Multi Disciplinair Overleg (MDO) samenbrengen. Misschien hebben we samen een nieuwe kijk op de zaak na een gesprek onder vier of meer ogen.

In De Meersen is een uiterst actieve ouderraad aan het werk. Samen met het schoolteam maken ze van de school een levende opvoedingsgemeenschap. De ouderraad fungeert uiteraard als spreekbuis van de ouders. Een aantal werkgroepen binnen de school doen ook een beroep op de inbreng van ouders. Vaak roept de ouderraad ook hulp in van ‘losse’ medewerkers. Soms ontmoeten we op zulke momenten kostbare partners.

CLB

Het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) heeft als opdracht bij te dragen tot het welbevinden van leerlingen, en situeert de begeleiding van leerlingen op vier domeinen:
- het leren en studeren

De school en het CLB hebben een gezamenlijk beleidscontract opgesteld dat de aandachtspunten voor de leerlingenbegeleiding vastlegt. Dit beleidscontract is met de ouders besproken in de schoolraad.
Als de school aan het CLB vraagt om een leerling te begeleiden, zal het CLB een begeleidingsvoorstel doen. Het CLB zet de begeleiding slechts voort als de ouders van de leerling hiermee instemmen. Vanaf de leeftijd van 12 jaar vermoedt de regelgever dat een kind voldoende competent is om zelfstandig te beslissen of hij/zij wil instemmen met het voorgestelde begeleidingsplan.
Het centrum heeft recht op de relevante informatie die over de leerlingen in de school aanwezig is en de school heeft recht op de relevante informatie over de leerlingen in begeleiding. Ze houden allebei bij het doorgeven en het gebruik van deze informatie rekening met de geldende regels inzake het beroepsgeheim, de deontologie en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

Niet alleen de school, maar ook de leerlingen en ouders kunnen het CLB om hulp vragen. Het CLB werkt gratis en discreet. Het centrum, de school en de ouders dragen een gezamenlijke verantwoordelijkheid.
Ouders zijn verplicht hun medewerking te verlenen aan:

Het centrum maakt zijn werking bekend aan de ouders. Dat gebeurt minstens op het ogenblik dat de leerling voor de eerste keer wordt ingeschreven in de school. Ouders krijgen informatie over de rechten en plichten van ouders, leerlingen, de school en het centrum.
De regering kan het centrum verplichten vormen van begeleiding voor deelgroepen van leerlingen, ouders en scholen voor te stellen. Het staat deze leerlingen, ouders en scholen vrij om al dan niet op dit verzekerd aanbod in te gaan.
Als een leerling van school verandert, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot de leerling is ingeschreven in een school die door een ander centrum wordt bediend.
Als een leerling voor een bepaalde periode niet ingeschreven is in de school, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot het einde van de periode van niet-inschrijving.

Het centrum legt voor elke leerling voor wie een begeleiding wordt gestart, één multidisciplinair dossier aan. Het multidisciplinair dossier van de leerling bevat alle voorhanden zijnde gegevens die over de leerling op het centrum aanwezig zijn. Als een leerling van school verandert en onder toezicht van een ander CLB komt te staan, is het CLB dat de vorige school begeleidt, ervoor verantwoordelijk dat het CLB-dossier de leerling volgt. Er is geen toestemming van de ouders of de leerling vereist om een multidisciplinair dossier over te dragen.10
Er bestaat maar één CLB- dossier en dit dossier is in principe een ondeelbaar geheel. Daarom wordt het bij schoolveranderen in één zending overgemaakt. Elk CLB is eraan gehouden de ouders of de leerling te informeren over het doorgeven van het dossier. Er wordt een wachttijd van 10 dagen gerespecteerd na het informeren van de ouders of de leerling. De ouders of de leerling kunnen afzien van die wachttijd. Er kan binnen die 10 dagen verzet aangetekend worden tegen het overmaken van de niet-verplichte gegevens uit het dossier. Er kan geen verzet aangetekend worden tegen de overdracht van volgende gegevens: identificatiegegevens, vaccinatiegegevens, gegevens in het kader van de verplichte CLB-opdrachten, bijzondere consulten en de medische onderzoeken uitgevoerd als vorm van nazorg na een algemeen, een gericht of een bijzonder consult.
Indien er verzet wordt aangetekend, verzendt het vorige CLB enkel de verplicht over te dragen gegevens samen met een kopie van het verzet. Het bewaart de gegevens waartegen verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact.
Onze school heeft een samenwerkingsovereenkomst afgesloten met het C.L B.:
Centrum voor Leerlingen Begeleiding Brugge,
Lege Weg 83 A – 8200 Sint-Andries Brugge
Tel.: 050/ 44 02 20  fax.: 050 / 45 07 91  e-mail: brugge2@clb-net.be

Zorgverbreding en -begeleiding

De zorgverbreding, zoals het in ons vakjargon heet, geeft ons de kans om een aantal kinderen dat steuntje méér te geven.
Sommigen hebben wat meer tijd nodig om een leerstofonderdeel onder de knie te krijgen. Anderen voelen zich zekerder in een klein werkgroepje. We willen elk kind de beste kansen bieden om succesvol te groeien en open te bloeien.
Het is onze bedoeling dat elk kind iedere dag vol zelfvertrouwen en met een hoog “welbevinden” onze klas binnenwandelt.
Iedereen moet zich betrokken weten in het klasleven en zich met een goed gevoel tussen de anderen bewegen. We zijn er dan ook op uit om iedereen met een brede zorg te omringen. Soms gebeurt dit ook individueel met kinderen die moeite hebben met een of andere leerstofeenheid.

In het Multi Disciplinair Overleg (MDO) wordt elk kind individueel gevolgd. De leerkracht rapporteert de vorderingen en het functioneren van elk kind aan de zorgcoördinator, de directeur, de begeleider van het CLB en eventueel buitenschoolse ondersteuning. Soms gebeurt het wel eens dat het MDO de ouders uitnodigt op school om de situatie te bespreken. De ouders kunnen het advies rustig bespreken en ernstig overwegen in het belang van het kind. De ouders hebben het beslissingsrecht i.v.m. zittenblijven of overgang naar het bijzonder onderwijs.

Schoolmateriaal

De kinderen kunnen heel wat leerboeken, handboeken en ander materiaal van de school gebruiken. De boeken en schriften worden gekaft door de leerlingen. Op een etiket staat hun naam en de klas vermeld. We vinden het nodig dat deze zaken met zorg en eerbied worden behandeld. Een stevige schooltas helpt alvast bij transportperikelen…
De school kan verloren of beschadigde boeken en klasmateriaal laten vergoeden of vervangen door de ouders. Ze kunnen ook voor de kosten opdraaien bij het beschadigen van kapstokken, deuren en het sneuvelen van ruiten.

Veiligheid en gezondheid op school

Elke dag kunnen de kinderen op school melk/aardbeienmelk/chocolademelk drinken. Kinderen die allergisch reageren op melk kunnen zelf een brikje of flesje water meebrengen. Zoethoudende dranken zijn niet toegestaan.
We vermoeden dat we met dit aanbod voldoen aan een vraag zodat de leerlingen geen andere drank meebrengen naar school.
Snoep en kauwgom zijn verboden.
Tijdens het vrij kwartier kan een droge koek, een stuk fruit of een boterhammetje wel. Let wel op woensdag houden we een fruitdag. Dan willen we benadrukken dat een stuk fruit meer dan welkom is.
De kleuteronderwijzeressen dringen er op aan dat er geen koeken naar school worden meegebracht.  De kleuters krijgen – indien zij het wensen – een koek tijdens de pauze. Achteraf wordt dit door de schoolrekening vereffend.
Uit ervaringen weten we dat sommige spelen gevaarlijk zijn. Haasje-over, slingerspelen, paardjerijden, sneeuwballen gooien,… zijn verboden. 
De kleuters en de lagere schoolkinderen hebben elk hun eigen speelplaats.
Kledingstukken, tassen en andere voorwerpen laten we niet achteloos rondslingeren in de gangen en op de speelplaats.

Vieren op school

Kinderen vinden het prachtig om een jaartje ouder te worden. In elk geval willen ze dan hun vriendjes verrassen met een leuke attentie. We dringen hier echter aan op soberheid.
Een klein hapje, een droge koek of een stukje fruit zijn niet te versmaden. Kleur- en suikerrijk snoepgoed zijn dan ook niet gepast. Chips zijn verboden. Sommige ouders bedenken de klasvriendjes met een ander geschenkje. De jarige brengt bv. een boekje voor de klasbib mee. Zo kunnen ook niet-snoepgrage makkertjes meegenieten. Een boekenjuf helpt u graag op weg!
Jarigen hoeven niet te trakteren!
Andere feesten worden op een kindvriendelijke manier op school gevierd. Tijdens de activiteiten of in lesmomenten wordt er aandacht aan besteed. We leven op school mee met het lief en leed van het kind.

Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning

Permanente reclame in de gebouwen of aan de school kan niet. De school en de publicaties kunnen niet gebruikt worden voor politieke doeleinden.
Voor eenmalige initiatieven (feestmomenten, sportactiviteiten,…) kan er een beroep gedaan worden op sponsoring en reclame.  Deze publiciteit wordt na het initiatief uit de school verwijderd.
Sommige materialen in de school kunnen voorzien zijn van een logo van een firma. Deze verwijzingen zijn niet bedoeld als sponsoring of reclame. Om de drukkosten van schoolpublicaties te helpen dragen kan er sponsoring worden gezocht. De informatiebrochures worden zonder vermelding van sponsoren of reclame verspreid.

Betalingen

Maandelijks krijgen de ouders een gedetailleerde rekening. Alle betalingen van verplichte en niet-verplichte uitgaven gebeuren via overschrijving.  Er kan ook uiteraard betaald worden met een gesloten enveloppe met de vermelding daarop van naam, klas en vermelding van de datum van de rekening.